En dan begon de pret. De startmotor van FEJ’s fiets was naar de verdoemenis, dus had ik de eer om het kreng aan te duwen. Onder het motto, even vlug in Glasgow langs te gaan bij de lokale dealer, stoven we door het platteland, dat echt niet zo plat is als het woord doet geloven. Heerlijk rijden op smalle wegen met een fantastische omgeving zonder verkeer.
HALT. Nu even stoppen met het jeugdige enthousiasme.
In Glasgow had FEJ het eerst aan de stok met de lange arm van de wet wegens een parkeerverbod op de stoep. Vervolgens kregen we een kamer toebedeeld van een dame met een stralende lach. Wat een stuk chagrijn was me dat! Maar ja, je bent met vakantie en dan wordt je vergeeflijker. En als klap op de vuurpijl stonden we sneller buiten bij de dealer of dat jullie mijn reisverhaal kunnen lezen.
Omdat het Free-Eagles-bestuur bezorgd is met de lichamelijke conditie van zijn leden, werden we getrakteerd op een uurtje motorfiets aanduwen. Ideaal om alle agressie en rij-stijfheid uit je botten te krijgen.
Dan maar op we naar Belfast. Het werd een race tegen de klok om de ferry te halen. Geholpen door de weergoden, kwamen we zeiknat aan bij de schuit. Zo konden de motorblokken tenminste niet verhit raken. We vermoeden dat de lokale arm der wet een compleet fotoboek van ons kan opstellen. De komende weken zullen we vol blijde verwachting naar onze brievenbus kijken. Hoe kunnen we anders punten scoren?
De rit naar de garage was er een om snel te vergeten. FEJ vond zelfs de weg niet meer op een rondpunt tijdens een hoosbui omdat zijn bril een douche kreeg. Maar eens we de alom gekende kleuren en gevleugelde logo’s van ons fietsenmerk zagen, was het einde van onze calvarietocht in zicht.
Een tweeweken oude showroom met werkplaats en loungebar uitgerust met pooltafel en lederen zetels, was onze beloning van die helse tocht. De lokale dealer was er één uit de duizend. Overnachting en transport geregeld voor ons, stukjes besteld, kortom “the place to be“ wanneer je fiets je in de steek laat.